Preventief behandelen zorgt voor een lichaam in balans
- 4 jan
- 2 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 12 feb
De manier waarop we in het Westen naar gezondheid en ziekte kijken, is niet vanzelfsprekend ontstaan. Om te begrijpen waarom onze gezondheidszorg zo sterk gericht is op het behandelen van ziekte, gaan we terug naar de 19e eeuw.
In de 19e eeuw ontwikkelde de Westerse geneeskunde zich namelijk erg snel. Nieuwe inzichten maakten dat ziekte werd opgevat als een objectief vast te stellen afwijking in het lichaam. Dat denken leidde tot een sterke nadruk op het lokaliseren, meten en behandelen van ziekte, waardoor diagnose en therapie centraal kwamen te staan. Tegelijkertijd ontstond in dezelfde periode de moderne publieke gezondheidszorg, met veel aandacht voor preventie via vaccinatie, hygiëne en verbeterde leefomstandigheden.
Toch bleef binnen de klinische geneeskunde de nadruk vooral liggen op het bestrijden van ziekte, omdat juist daar de meest zichtbare en directe resultaten werden behaald. Deze ontwikkeling heeft ertoe geleid dat de Westerse geneeskunde steeds meer is gaan leunen op het aanpakken van symptomen zodra ze optreden, in plaats van op het voorkomen ervan. Daarnaast is de culturele conditionering ook een rol gaan spelen: ‘Zolang je niets voelt, ben je gezond.’ Door er op die manier naar te kijken, zien we gezondheid als de afwezigheid van symptomen en niet als een dynamische balans die actief onderhouden dient te worden.
In traditionele geneeskunde, zoals Chinese geneeskunde, ligt juist de nadruk op preventief behandelen. De arts zorgt ervoor dat je lichaam in balans blijft, zodat ziekten geen kans krijgen te ontstaan.
Preventief behandelen wordt al meer dan 2000 jaar benadrukt door de Chinese Geneeskunst zoals ook te lezen is in de ‘Huangdi Neijing’, vaak vertaald als ‘De Innerlijke Klassieker van de Gele Keizer’: “De superieure arts behandelt ziekte voordat deze ontstaat.” Dit boek is een oud Chinees medisch werk dat wordt beschouwd als het fundamentele basisboek van de Traditionele Chinese Geneeskunde. Deze visie vormt de basis voor alle latere systemen van Traditional Chinese Medicine (TCM). Gezondheid is dus niet de afwezigheid van klachten, maar een juiste balans in het lichaam. Harmonie, leefstijl en ritme waren erg belangrijk, net als rust, beweging en emotionele stabiliteit. Het was en is nog steeds een dagelijkse levenshouding in het Oude China.
In de hedendaagse gezondheidszorg van TCM wordt er nog steeds vanuit deze visie gewerkt. Preventieve behandelingen zijn erop gericht om kleine verstoringen vroeg te herkennen, het lichaam te helpen zichzelf te reguleren en de natuurlijke veerkracht te versterken. Een mooi voorbeeld is hooikoorts. Binnen de TCM wordt hooikoorts gezien als een disbalans van het afweersysteem in het lichaam. Door vóór het hooikoortsseizoen de interne balans te herstellen, kunnen hooikoortsklachten aanzienlijk afnemen.
Lees hier verder over hooikoorts.




Opmerkingen